Omschrijving:
Van verhaal naar verhaal rondom Enschede
Paul Abels & Georg Hartong
Uitg. EFA, softcover, geillustreerd.
'Van verhaal naar verhaal rondom Enschede' is een literair fietsboek. De twee routes, 'Van Schippers tot Scholten' en 'Van Elderink tot Wilmink', voeren beide door Noord-Enschede en zijn niet langer dan 25 kilometer. Behalve kaarten en de routebeschrijvingen bevat het boek een selectie van fragmenten uit letterkundig werk. In al deze fragementen staan verwijzingen naar de Enschedese locaties waarlangs de fietsroutes leiden. Feitelijk is het een bloemlezing, waarbij de route de keuzemogelijkheden heeft bepaald. Het boek is mooi uitgegeven en rijk geïllustreerd. Achterin staat een register op auteursnamen. De samenstellers, Paul Abels en Georg Hartong, publiceerden in 1996 al een literair wandelboek: 'Van Achterberg, Brakman en Cremer tot De Zwaan: een literaire wandeling door Enschede'.
Fragment uit Van Verhaal naar Verhaal:
Gauw weer op de fiets naar een ander verhaal. Houdt u het nog even vol? We keren terug naar de Glanerbruggeweg en fietsen nog een minuut of vijf door op deze straat. We nemen de tweede weg links, dat is de Wallenbeekweg. Tweede weg rechts en doorfietsen tot de Rooskerweg. We vragen nu even van u wat verbeeldingskracht. Phantasie ist wichtiger als Wissen, denn Wissen ist begrenzt, zoals Einstein al zei. Aan de landbouwgrond aan uw rechterhand valt u waarschijnlijk helemaal niets bijzonders op. Toch stond hier vroeger een jachtslot, 'Het Ripperda'. Jonkheer Caspar van Loen van Bretelaer tot Harsevoort bouwde op deze plek rond 1615 een eenvoudig kasteeltje. Het schijnt een flinke woontoren van een paar verdiepingen te zijn geweest, opgetrokken uit een groot soort baksteen. De bijgebouwen grotendeels uit hout met vakwerk en lemen wanden en vloeren. Er moet ook een slotgracht aanwezig zijn geweest: rond 1900 waren er nog resten aanwezig van een ophaalbrug. De overlevering wil dat het huis bij een jachtfeest in brand is gevlogen en afgebroken rond 1715 [1]. Erg jammer dat we geen mooi ridderverhaal hebben kunnen vinden, vol strijd tussen stoere boeren en wrede edelen...
We rijden door tot aan het eind. Daar ligt een bijzonder mooie boerderij, De Roosker. Dit erve wordt al in registers uit 1475 genoemd. U kunt hier fraai zien wat een zogenaamde boavnkamer is: een huisje dat aangebouwd is aan de boerderij, bedoeld om de bejaarde boer en boerin onderdak te verlenen wanneer de oudste zoon bedrijfsleider geworden is. In een Twents verhaal van Gerrit Klaassen, In nen anvaank (niet: "in den beginne", maar "in een begin") is het motief van de bedrijfsopvolging bij de boeren op fraaie wijze gekoppeld aan het Genesisverhaal. God als de Hearm-boer, die op zoek is naar een "poalboer" (erfgenaam), maar die door Ada en Evert "as n spiejeumke der achterhen wördt doan": als een oude inwonende ongetrouwde oom afgedankt wordt. Klaassen toont overtuigend hoe plechtig en uitgesproken onplat het plat gebruikt kan worden
|