Omschrijving:
Erve ten Modenkotte
Egidius Wientjes
Uitg. J. Verhaag, Oldenzaal, hardcover, geillustreerd
Oude gebruiken, sagen en oude rechtspraak van het Twentse platteland worden door Wientjes in romanvorm beschreven. Agelo en Ootmarsum zijn de locaties waar zich alles afspeelt.
Stukje tekst van blz 19 uit het boek:
Steeds neuriënd dreef hij het paard aan. Zingend zette hij het beest op stal.
Na melktijd, zo tegen een uur of zeven, acht, kon men de jongelui, met of zonder gezelschap, overal langs paden en wegen zien trekken. Allen gingen naar het bal. Vrienden en bekenden vrolijk groetend, kwam men binnen in de danszaal, waar twee harmonica's hun liefelijke klanken deden horen. „Aantreden voor de polonaise, ieder met zijn meisje," hoorde men telkens als er een nieuw deuntje werd ingezet. „Aantreden voor de polonaise", heette het, ofschoon het een wals, een polka of een hakkenschots was. Het was steeds voor elke dans, het kwam er niet op aan voor welke, „de geijkte term. Na deze uitroep: „Aantreden- van den dansmeester begaven zich de paren ten dans. Het was een gedraai en gewentel, een draven en hossen van je veelste. Bij het horen van een overbekend wijsje zong en neuriede elkeen, die iets muzikaal gevoel in zijn klomp had, mee. Dat bevorderde de stemming. Dan voelde de zaal zich een. Vele bekenden zag men telkens op de gladde vloer. Die van de Brunger, van Höwerboer, Brookhoes, Wiegman, Schreur. Ook die van de Raotger. De beste danseurs onder hen waren wel die van de Eschker en van de Brunger. Bij het eerste wals-variété dat de dansmeester aankondigde, werd Hendrik van de Raotger als degene aangewezen, die de eerste dans zou beginnen.
Hendrik had met zijn vader uit de Hoogmis een wandeling gemaakt door de landerijen. De oude Raotger had toen met hem ook gesproken over zaken, boerderij en ..................................
|